Leeszaalreglement stadsarchief Tongeren

Leeszaalreglement
§.1. Algemene bepalingen

Art. 1. De stedelijke archiefdienst der stad Tongeren bevindt zich bij het Administratief Centrum “Praetorium”, Maastrichterstraat 10, B-3700 Tongeren.

Art. 2. De archiefdienst of archiefbewaarplaats is een dienst belast met het beheer van archiefbescheiden. De taak van de archiefdienst is het bewaren, ordenen, beschrijven en ter beschikking stellen van deze bescheiden.

Art. 3. Een archiefstuk of archiefbescheid is een document, welke vorm of drager het ook moge hebben en ongeacht de datum, opgemaakt door een persoon of instantie uit hoofde van zijn of haar activiteiten.

Art. 4. Een archiefvormer is een persoon, een groep van personen of een instantie die archiefvorming als één van zijn of haar activiteiten heeft.

Art. 5. In het archief maken we enerzijds onderscheid tussen het primair of lopend archief (dynamisch en semi-dynamisch) en het secundair of historisch archief (semi-statisch en statisch).

Art. 6. Dynamisch primair archief (lopend archief) zijn die stukken die nog steeds worden aangevuld en gebruikt bij het afhandelen van administratieve taken. Dit archief wordt zonder selectie bewaard bij de verantwoordelijke archiefvormer.

Art. 7. Semi-dynamisch primair archief (lopend archief) zijn stukken die niet meer worden aangevuld en die geen rol meer spelen in het afhandelen van administratieve taken. De archiefvormer draagt de administratieve verantwoordelijkheid voor deze stukken. Dit archief wordt zonder selectie bewaard bij de verantwoordelijke archiefvormer of eventueel bij de stadsarchiefdienst (in welk geval de stadsarchivaris verantwoordelijk is voor deze stukken).

Art. 8. Semi-statisch secundair archief (historisch archief) zijn stukken waarvoor de archiefvormer geen enkele verantwoordelijkheid meer draagt. In dit archief mag geselecteerd worden (zoals bepaald in het ‘reglement lopend en historisch archief stadsdiensten Tongeren’). Dit archief wordt bewaard bij de stadsarchiefdienst.

Art. 9. Statisch secundair archief (historisch archief) zijn stukken die een blijvende waarde hebben. Deze stukken worden bewaard bij de archiefdienst en zijn reeds geschoond en geselecteerd geworden (zoals bepaald in het ‘reglement lopend en historisch archief stadsdiensten  Tongeren’).

§.2. Openbaarheid en raadpleging

Art. 10. Bescheiden van de gemeentelijke overheid en van overheden die zij bij de gemeentelijke archiefdienst in bewaring gaven, zijn openbaar of kunnen door personen die daartoe gerechtigd zijn, worden ingezien in de mate dat de informatie wettelijk of volgens gemeentelijk reglement onder de passieve of actieve openbaarheid valt. Alle andere bescheiden van bestuurlijke aard worden in principe openbaar wanneer zij ouder zijn dan dertig jaar.

Art. 11. Als uitzondering op art. 10 wordt de niet-openbaarheid voor derden verlengd tot een termijn van honderd jaar voor dossiers die de persoonlijke levenssfeer raken en tot vijftig jaar voor bescheiden die informatie bevatten inzake de belangen vermeld in art. 6 in de wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van bestuur.

Art. 12. Voor bescheiden jonger dan de gestelde termijnen onder de artikels 10 en 11 kan het college van Burgemeester en Schepenen, desgevallend samen met andere bevoegde instanties, uitzonderingen toestaan, mits de raadpleger een belang doet blijken in de zin van de wet betreffende de openbaarheid van bestuur en/of verklaart de wet tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens te respecteren. De aanvraag gebeurt via het stadsarchief.

Art. 13. Particuliere bescheiden worden in lezing gegeven volgens de beschikkingen van de overeenkomst van bewaargeving of van schenking. Ontbreekt een overeenkomst, dan wordt het archiefbestand openbaar wanneer de bescheiden dertig jaar oud zijn. Zowel met als zonder overeenkomst zijn artikels 11 en 12 van kracht.

Art. 14. De archivaris kan niet-raadpleegbaarheid inroepen omwille van het risico van beschadiging bij slechte materiële toestand van bescheiden en bij gebrek aan inzicht in de inhoud van een archief (in het bijzonder wanneer de persoonlijke levenssfeer van derden in het gedrang zou kunnen komen).

Art. 15. Fotokopieën en afschriften van stukken worden in het kader van de openbaarheid van bestuur bezorgd door en onder verantwoordelijkheid van de beheerder/archivaris. In principe impliceert raadpleegbaarheid ook de toelating tot het nemen van fotokopieën of het bezorgen van afschriften. Uitzonderingen dienaangaande worden opgelegd door het college van Burgemeester en Schepenen.

Art. 16. Bij iedere reproductie die onmiddellijke of later zichtbare schade kan veroorzaken, is de archivaris bevoegd die vorm van reproductie te verbieden. Fotokopieëren van oudere stukken wordt slechts uitzonderlijk toegestaan, maar nooit voor ingebonden stukken of andere banden, noch voor stukken op perkament. Fotokopieën van andere losse stukken kunnen worden gemaakt, mits de omvang of de materiële toestand dit toelaat.

Art. 17. Aan particulieren wordt in geen geval archief in bruikleen gegeven. Voor tentoonstellingen, microverfilming en restauratie kunnen bescheiden uitgeleend worden. Alle aanvragen moeten worden voorgelegd aan het college, dat beslist na advies van de archivaris. De uitgeleende stukken zullen worden verzekerd van nagel tot nagel en worden tentoongesteld in goede materiële omstandigheden, zoals beschreven in de voorwaarden voor bruikleen.

§.3. Dienstverlening, verplichtingen en rechten van de bezoeker

Art.18. De leeszaal is vrij toegankelijk voor het publiek op de dagen en uren bepaald door het college van Burgemeester en Schepenen. Het archief is gesloten op officiële feestdagen. Personen jonger dan veertien jaar dienen vergezeld te worden door een volwassene.

Art.19. Elke lezer legitimeert zich met een officieel document. Zijn of haar naam en adres en het doel van zijn of haar onderzoek worden ingeschreven in het lezersbestand. Bij de inschrijving verklaart hij of zij in te stemmen met de opname in dat bestand en van het leeszaalreglement te hebben kennis genomen.

Art.20. De lezer tekent bij elk bezoek het leeszaalregister, waarin de medegedeelde stukken ingeschreven worden. De lezer bekrachtigd deze gegevens met zijn of haar handtekening.

Art.21. De bescheiden worden aangevraagd op de daartoe bestemde formulieren. De archivaris kan het aantal in lezing te geven bescheiden beperken. De bescheiden worden in de leeszaal geraadpleegd. Een archieftoegang helpt de bezoeker bij zijn onderzoek.

Art.22. De bescheiden mogen gefotokopieerd worden (uitzondering zijn de stukken vermeld in art. 16), gefotografeerd of gefilmd worden mits toestemming van de archivaris. Het fotokopiëren gebeurt door de archivaris of één van de medewerkers. De tarieven worden in de leeszaal bekendgemaakt. Afschriften kunnen bekomen worden mits betaling van de zegelrechten en een retributie.

Art.23. Werken uit de bibliotheek mogen uitsluitend gefotokopieerd worden mits wetenschappelijke doeleinden. Bij reproductie dient de bezoeker zelf voor de toelating van de auteur te zorgen en draagt hiervoor de verantwoordelijkheid.

Art.24. Stukken van groot formaat, grote hoeveelheden en kleurenscans kunnen op bestelling gevraagd worden (tenzij ze vallen onder art. 16).

Art.25. Bij het fotokopiëren van archiefstukken voor commercieel gebruik wordt een bijkomend publicatierecht gevraagd.

Art.26. Wie een publicatie laat verschijnen waarvoor gebruik gemaakt is van om het even welke informatie die berust in het stadsarchief dient dit archief als vindplaats van de bronnen te vermelden. De onderzoeker wordt verzocht een exemplaar van deze publicatie aan de archiefdienst te schenken.

Art.27. De lezers hebben vrije toegang tot de archieftoegangen en publicaties in de leeszaal. Alle andere publicaties worden aangevraagd bij middel van de daartoe beschikbare formulieren. De archiefbibliotheek is geen uitleenbibliotheek (uitzondering hierop is de regeling met het Tongerse Oudheidkundig Genootschap).

Art. 28. De archiefstukken moeten met zorg behandeld worden. Het is niet toegestaan de ordening van de bescheiden in de mappen te wijzigen of er aantekeningen op aan te brengen. Bij vernieling van stukken is de bezoeker aansprakelijk. De bezoeker die schade toebrengt aan de archieven of de collecties wordt verplicht deze te vergoeden, hetzij door betaling van de restauratiekosten, hetzij door vervanging. Het bedrag van de schadevergoeding wordt bepaald door de archivaris.

Art.29. Kwetsbare of kostbare documenten mogen niet met blote handen aangeraakt worden. Katoenen handschoenen vermijden dat het zuur in het zweet van de handen in aanraking komt met het document. De bezoeker krijgt daartoe een paar handschoenen.

Art.30. Er wordt een strikt verbod opgelegd aan de bezoeker op het gebruik van balpennen, vulpennen, stiften, … Potloden worden daartoe ter beschikking gesteld.

Art. 31. De bezoeker wordt verplicht de vestiaire te gebruiken voor het opbergen van tassen en of jassen. Het binnenbrengen van tassen en of jassen in de leeszaal is verboden. Bij beschadiging of verlies is het stadsarchief of het personeel niet aansprakelijk.

Art. 32. In de leeszaal mag niet gerookt, gegeten of gedronken worden.

Art. 33. De toegang tot de magazijnen en de bibliotheken is aan de bezoekers verboden. Uitzondering wordt gemaakt voor een beperkt aantal stadsdiensten die frequent gebruik dienen te maken van de archieven. De stadsarchivaris instrueert deze personen betreffende het hanteren van de documenten.

Art. 34. Bij verlaten van het archief of bij teruggave van de archiefstukken wordt nagekeken of deze zich nog in hun staat voor uitgave aan de bezoeker bevinden. Indien niet zo is de bezoeker aansprakelijk.

Art. 35. Bij poging van diefstal of opzettelijke vernieling van de stukken wordt de bezoeker voorgoed de toegang tot het archief ontzegd.

§.4. Deontologische code en bescherming van de persoonlijke levenssfeer 

Art. 36. Bezoekers die inzage krijgen in informatie en hierbij ontdekken dat bepaalde gegevens niet in de openbaarheid horen te vallen, dienen de archivaris te verwittigen.

Art. 37. Iedere bezoeker maakt voor zich uit of en hoe bepaalde gevoelige gegevens in de resultaten van zijn onderzoek zullen figureren.

Art. 38. Stukken betreffende de persoonlijke levenssfeer kennen een termijn van openbaarheid van honderd jaar na creatie. Deze stukken worden niet ingezien met uitzondering vermeld in art. 12.

Art. 39. Iedere bezoeker verklaart met zijn onderzoek de veiligheid van de Staat, de openbare orde en de goede naam van personen niet te zullen schaden.

§.5. Mogelijkheid tot beroep

Art. 40. De bezoeker kan tegen beslissingen van de archivaris of de archiefdienst beroep aantekenen bij het college van Burgemeester en Schepenen.


§.6. Ontzegging van toegang tot het archief

Art. 41. De archivaris kan de toegang tot de leeszaal ontzeggen aan wie dit reglement overtreedt.

Art. 42. Alle zaken die niet voorzien worden in bovenstaand reglement worden beslist door de archivaris.